ECLI:NL:GHSHE:2005:AT4959
Gerechtshof 's-Hertogenbosch · 12-04-2005 · zaaknummer 03/02057
Inhoudsindicatie
4.8.5. Gelet op hetgeen onder 4.8.2, 4.8.3 en 4.8.4 is overwogen, is het Hof van oordeel dat het vertrouwensbeginsel in dit geval meebrengt dat de Inspecteur gebonden is aan het standpunt van zijn collega van het onderdeel P van de rijksbelastingdienst. 4.9. De Inspecteur stelt dat vertrouwen slechts in de richting van de toekomst kan werken en niet in de richting van het verleden. Daarover merkt het Hof het volgende op. In bovenstaand arrest van 9 januari 2004 heeft de Hoge Raad niet overwogen dat opgewekt vertrouwen zich niet tot het verleden kan uitstrekken. Het Hof ziet geen reden om een dergelijke beperking aanwezig te achten in dit geval waarin één fiscaal vraagstuk en één feitencomplex in twee jaren speelt. Toen belanghebbende bericht kreeg dat zijn standpunt werd gevolgd voor het jaar 2002, mocht hij ervan uitgaan dat zijn standpunt voor 2001 ook werd gevolgd, omdat er sprake was van hetzelfde vraagstuk en hetzelfde feitencomplex. In dit geval moet het belang van een juiste wetstoepassing worden afgewogen tegen het belang van de rechtszekerheid. Het Hof acht de rechtszekerheid van zwaarder belang. 4.10. Op grond van het vorenoverwogene is het Hof van oordeel dat belanghebbende in rechte te beschermen vertrouwen aan de uitspraak op bezwaar betreffende het jaar 2002 mag ontlenen voor het jaar 2001, zodat het beroep gegrond is. Het belastbaar inkomen uit werk en woning bedraagt alsdan € 32.406,= en het belastbaar inkomen uit sparen en beleggen € 1.847,=.
Advocaten
In deze uitspraak zijn geen advocaten of gemachtigden met naam genoemd.
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
