ECLI:NL:GHSHE:2004:AR5876
Gerechtshof 's-Hertogenbosch · 22-10-2004 · zaaknummer 20.000853.04
Inhoudsindicatie
Uit het onderzoek ter terechtzitting in hoger beroep, met name gelet op de afgelegde deskundigenverklaring, is gebleken dat verdachte als deelnemer aan een hockeywedstrijd een backhandslag heeft gemaakt, welke slag binnen de hockeysport gangbaar is en, gelet op de manier waarop en de omstandigheden waaronder verdachte deze slagbeweging heeft gemaakt, ook geoorloofd was. Voorts hoefde verdachte niet te verwachten dat tijdens de uitvoering van die backhandslag één van zijn tegenstanders, in casu [betrokkene], op dermate wijze op hem zou inlopen, te weten door hem van achteren en met zijn bovenlichaam voorovergebogen te naderen, dat hij deze daarbij in het gezicht zou raken. Hoewel verdachte met de backhandslag welbewust tegen de bal heeft geslagen, heeft het hof uit de wettige bewijsmiddelen niet de overtuiging bekomen dat met die slag tevens het opzet van verdachte (ook niet in voorwaardelijke zin) was gericht op het toebrengen van pijn of (zwaar) letsel aan [betrokkene]. Verdachte dient derhalve te worden vrijgesproken van het hetgeen hem zowel primair als subsidiair ten laste is gelegd.
Rechters
In deze uitspraak zijn geen namen van rechters gepubliceerd.
Advocaten
In deze uitspraak zijn geen advocaten of gemachtigden met naam genoemd.
Partijen
[benadeelde partij]
benadeelde partij · onbekend
[verdachte]
verdachte · onbekend
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
