ECLI:NL:GHSGR:2010:BO2984
Gerechtshof 's-Gravenhage · 20-10-2010 · zaaknummer 22-000130-08
Inhoudsindicatie
Het hof stelt voorop dat ten aanzien van de bewezenverklaarde feiten 1 [naam 1] en 2 [naam 2] op 4 maart en 9 maart 2004 een tweetal containers is aangetroffen met daarin cocaïne, en dat deze cocaïne in beslag is genomen en vernietigd.1 Gelet hierop is het hof van oordeel dat de veroordeelde ter zake van de in zijn strafzaak bewezenverklaarde feiten geen wederrechtelijk verkregen voordeel heeft genoten. Voorts stelt het hof vast dat de veroordeelde bij het onherroepelijk geworden vonnis van 9 juni 2005 ten aanzien van de feiten 3 [naam 3] en 4 [naam 4] is vrijgesproken. Om die reden kan, zoals ook door de verdediging is betoogd en door de advocaat-generaal is erkend, van - vaststelling van - wederrechtelijk voordeel in verband met die feiten geen sprake zijn.
Advocaten
In deze uitspraak zijn geen advocaten of gemachtigden met naam genoemd.
Partijen
[verdachte]
verdachte · onbekend
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
