ECLI:NL:GHSGR:2007:BB8104
Gerechtshof 's-Gravenhage · 07-11-2007 · zaaknummer 2200105107 PO
Inhoudsindicatie
Er zijn weliswaar krachtige vermoedens dat de veroordeelden op enigerlei wijze hebben geprofiteerd van de drugshandel waarmee zij zich – in familieverband - hebben ingelaten, maar er kan niet met de vereiste mate van zekerheid worden vastgesteld dat door hen daadwerkelijk voordeel is genoten (laat staan in – bij benadering – welke mate). Verwijzing naar de recente beslissing in de zaak Geerings vs Nederland (ECHR 1 maart 2007, NJ 2007.349). De vordering van het openbaar ministerie tot ontneming van wederrechtelijk verkregen voordeel wordt daarom afgewezen.
Advocaten
In deze uitspraak zijn geen advocaten of gemachtigden met naam genoemd.
Partijen
[verdachte]
verdachte · onbekend
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
