Place4Law · het juridische netwerkLive in Nederland · editie 2026
Place4Law: weegschaal, verbonden handen

ECLI:NL:GHLEE:2007:BC1634

Gerechtshof Leeuwarden · 19-12-2007 · zaaknummer 0600574

Civiel rechtGepubliceerd 05-04-2013
Deel LinkedIn

Inhoudsindicatie

Uitgangspunt is dat ook een arbeidsovereenkomst tot stand komt door aanbod en aanvaarding. Ingeval van schriftelijke aanvaarding is voorts vereist dat de aanvaarding de aanbieder heeft bereikt, waarbij heeft te gelden dat, indien de aanvaarding de aanbieder niet of niet tijdig bereikt tengevolge van een omstandigheid die in de risicosfeer van de aanbieder ligt, de overeenkomst wordt geacht tot stand te zijn gekomen op het ogenblik waarop zonder deze storende omstandigheid de mededeling (aanvaarding) door de aanbieder zou zijn ontvangen. Zoals blijkt uit hetgeen hiervoor is vastgesteld, kan een eventuele overeenkomst eerst op 17 februari 2005 (door de ontvangst door Toronto van de brief van [geïntimeerde] met als poststempel 16 februari 2005) tot stand zijn gekomen. Daarom ligt nog de vraag ter beantwoording voor of het Toronto vrijstond haar op 10 februari 2005 aan [geïntimeerde] gedane aanbod om de arbeidsovereenkomst voor bepaalde tijd te verlengen op 15 februari 2005 te herroepen en – indien zulks niet het geval is – of [geïntimeerde] nadien tijdig heeft aanvaard. Bij de beantwoording van die eerste vraag staat voorop dat een herroepelijk aanbod kan worden herroepen zolang het niet is aanvaard. Daarbij heeft te gelden dat het – onder omstandigheden – naar maatstaven van redelijkheid en billijkheid onaanvaardbaar kan zijn dat de werkgever, die een dergelijk aanbod heeft gedaan, zich erop beroept dat zijn aanbod niet tijdig (voordat het werd herroepen) is aanvaard; alsdan kan door het alsnog aanvaarden van dat aanbod een overeenkomst totstandkomen. De rechter dient, gegeven de formulering “naar maatstaven van redelijkheid en billijkheid onaanvaardbaar” bij toepassing van die maatstaf de nodige terughoudendheid betrachten (zie HR 19 maart 2004, NJ 2006,54). Op grond van de inhoud van de brief welke Toronto op 15 februari 2005 bij [geïntimeerde] heeft bezorgd (productie 3 bij de inleidende dagvaarding) staat vast dat de intrekking van het aanbod tot verlenging van de tijdelijke arbeidsovereenkomst, onder gelijktijdige aanbieding van een nieuw (gewijzigd) aanbod tot verlenging, direct verband hield met het feit dat [geïntimeerde] eerder op diezelfde dag – door haar vriend – bij Toronto was ziekgemeld. Op het exemplaar van de brief dat Toronto als productie 3 bij de inleidende dagvaarding heeft overgelegd is zelfs nog het volgende bijgeschreven: “Reden: Gebleken arbeidsongeschiktheid wegens psychische en fysieke problemen. Geen probleem in de werkomgeving. “ Dat enkel de arbeidsongeschiktheid van [geïntimeerde] reden was voor de herroeping van het aanbod, blijkt overigens ook uit het door Toronto tezamen met de herroeping gedane nieuwe aanbod, waarbij enkel salaris betaling zou plaatsvinden op basis van gewerkte uren. De hiervoor gestelde vraag kan derhalve worden herleid naar de vraag of de intrekking van het eerder gedane aanbod op grond van de psychische ineenstorting van [geïntimeerde], waarvan Toronto op 15 februari 2005 op de hoogte werd gesteld, een omstandigheid oplevert die het naar maatstaven van redelijkheid en billijkheid onaanvaardbaar maakte dat Toronto haar aanbod herriep. Naar het oordeel van het hof moet die vraag onder de gegeven omstandigheden bevestigend worden beantwoord. Tegen de achtergrond van het opzegverbod bij ziekte (artikel 7: 670 lid 1 BW), moet immers het herroepen van het aanbod in kwestie worden beoordeeld als detournement de pouvoir, enkel bedoeld om onder de wettelijke verplichtingen als neergelegd in artikel 7: 629 BW uit te komen en dus als in strijd met goed werkgeverschap (artikel 7: 611 BW). Daarbij moet worden bedacht dat op het moment van herroeping weliswaar vaststond dat [geïntimeerde] ziek was, maar allerminst (daaromtrent is immers niets gesteld of gebleken) dat [geïntimeerde] gedurende de hele periode waarop het aanbod tot verlenging betrekking had, ziek zou blijven.

Rechters

In deze uitspraak zijn geen namen van rechters gepubliceerd.

Advocaten

In deze uitspraak zijn geen advocaten of gemachtigden met naam genoemd.

Partijen

  • [geïntimeerde]

    geïntimeerde · onbekend

Gemachtigden en juristen in deze zaak

In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.

Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.