ECLI:NL:GHLEE:2007:BC1568
Gerechtshof Leeuwarden · 21-12-2007 · zaaknummer 24-000547-07
Inhoudsindicatie
Bij het bepalen van de in hoger beroep op te leggen straf heeft het hof gelet op de aard en de ernst van de strafbare feiten, de omstandigheden waaronder deze zijn begaan en de persoon van verdachte. Het hof heeft daarbij in het bijzonder het volgende in beschouwing genomen. Verdachte heeft gedurende een periode van ruim één jaar deelgenomen aan een organisatie die erop gericht was bedrijven, stichtingen en overheidsinstanties te benadelen, door medewerkers daarvan te bewegen tot het plaatsen van personeelsadvertenties in één van de door de zeven bedrijven van verdachte uitgegeven tijdschriften, zonder dat daar een relevante wederprestatie tegenover stond. Immers, het oogmerk van de organisatie was de oplage van de betreffende tijdschriften laag te houden, zodat druk- en verspreidingskosten tot een minimum beperkt bleven. De adverteerders betaalden echter de aan hogere oplages gekoppelde prijzen voor de advertenties in die tijdschriften. De adverteerders zijn daardoor voor aanzienlijke bedragen benadeeld. Deze wijze van zakendoen, die erop gericht is te benadelen, is maatschappelijk onaanvaardbaar. Tevens wordt daardoor grote schade berokkend aan adverteerders. Verdachte had, als eigenaar van de zeven bedrijven die zich bezig hielden met acquisitie, in het geheel een prominente, leidinggevende rol. Binnen de organisatie werkten verschillende werknemers, met eigen - op hun kennis en ervaring gebaseerde - taken. Zo was [medeverdachte] belast met het debiteuren- en crediteurenbeheer en hield [getuige] zich bezig met de verkoop van advertenties. Het is aannemelijk dat verdachte, als eigenaar van de bedrijven die zich bezig hielden met acquisitie, aanzienlijk financieel profijt heeft gehad van de activiteiten van de criminele organisatie. Ter maskering van de door de organisatie beoogde oplichting, heeft verdachte zich samen met medeverdachte [medeverdachte] schuldig gemaakt aan het valselijk opmaken van brieven en verspreidingslijsten, waaruit zou moeten blijken dat de tijdschriften die werden uitgegeven door verdachtes bedrijven in de in de colofons van die tijdschriften genoemde oplagen werden gedrukt en ruim werden verspreid. Zodoende heeft verdachte misbruik gemaakt van het vertrouwen dat in het handelsverkeer in schriftelijke stukken moet kunnen worden gesteld.
Advocaten
- E.F.A. Dams
Partijen
[verdachte]
verdachte · onbekend
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
