ECLI:NL:GHLEE:2005:AT9486
Gerechtshof Leeuwarden · 13-07-2005 · zaaknummer Rolnummer 0500274
Inhoudsindicatie
Het hof overweegt dat een beëindiging van de arbeidsovereenkomst, waarin de werknemer heeft bewilligd nadat de werkgever hem op het verkeerde been heeft gezet, zoals in dit geval is gebeurd, onder invloed van een wilsgebrek tot stand is gekomen. Indien daarop tijdig een beroep is gedaan, kan het ontslag met wederzijds goedvinden niet in stand blijven (vgl. HR 17 januari 1997, NJ 1997/222). Of deze onjuiste mededelingen gekwalificeerd moeten worden als misbruik van omstandigheden danwel veeleer als bedrog - ingeval de Arriva bewust verkeerde informatie heeft gegeven - of als dwaling (vgl. ook HR 19 september 2003, NJ 2005, 234) kan naar 's hofs oordeel in dit kort geding in het midden blijven.
Rechters
In deze uitspraak zijn geen namen van rechters gepubliceerd.
Advocaten
In deze uitspraak zijn geen advocaten of gemachtigden met naam genoemd.
Partijen
[appellant]
appellant · onbekend
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
