ECLI:NL:GHLEE:2003:AM2927
Gerechtshof Leeuwarden · 22-10-2003 · zaaknummer Rolnummer 0200353
Inhoudsindicatie
Onder de hiervoor onder 4 omschreven omstandigheden is het hof van oordeel dat het procesverloop in eerste aanleg - zoals ook, door [appellanten] niet bestreden, beschreven door de rechtbank in het bestreden vonnis - er geen blijk van geeft dat ten nadele van [appellanten] het beginsel van hoor en wederhoor is geschonden. Onder het tot 1 januari 2002 geldende procesrecht, dat toepasselijk is op de in eerste instantie gevoerde procedure, is er ook geen rechtsregel die de rechter verplicht steeds na te gaan of bij één of beide partijen na het wisselen van de conclusies nog de behoefte bestaat aaan verdere uitlatingen. In artikel 142 lid 2 Rv (oud) gaat de wetgever er daarentegen vanuit dat alleen op eenparig verzoek van partijen de rechter het nemen van nog meer conclusies na repliek en dupliek kan toestaan. Voor wat betreft het toestaan van een akte op verzoek van een partij is in het wettelijk systeem het beleid aan de rechter overgelaten, waarbij het uitgangspunt zowel onder het voor als na 1 januari 2002 geldende recht is dat geen toestemming voor het nemen van een akte wordt verleend wanneer eenmaal een datum voor het vonnis is bepaald.
Rechters
In deze uitspraak zijn geen namen van rechters gepubliceerd.
Advocaten
In deze uitspraak zijn geen advocaten of gemachtigden met naam genoemd.
Partijen
[appellant]
appellant · onbekend
[appellante]
appellante · onbekend
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
