ECLI:NL:GHDHA:2025:345
Gerechtshof Den Haag · 25-02-2025 · zaaknummer 200.304.024/04
Inhoudsindicatie
De gemeente stelt een vordering in uit onverschuldigde betaling wegens teveel betaalde rente (de wettelijke handelsrente van art 6:119a BW ipv de wettelijke rente van art 6:119 BW). Het hof wijst deze vordering toe, nadat de ABRvS had beslist dat de gemeente de eerdere (foutieve) rentebeschikking heeft mogen corrigeren met een latere intrekkingsbeschikking. Het hof wijst de tegenvordering uit onrechtmatige daad ( wegens forse overschrijding van de beslistermijn op de aanvraag van een bouwvergunning) af. Geen bijzondere omstandigheden. Bovendien een te ver verwijderd verband.
Advocaten
Partijen
[appellante]
appellante · onbekend
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
