ECLI:NL:GHDHA:2025:1756
Gerechtshof Den Haag · 06-08-2025 · zaaknummer 22-000145-25
Inhoudsindicatie
Van ‘grensoverschrijdend vervoer’, en derhalve van de verplichting te beschikken over een ritmachtiging, in de zin van artikel 2.3, derde lid, onder b, van de Wet vervoer goederen is al sprake op het moment dat de verdachte wordt aangehouden en hij vanuit Nederland op weg is naar een ander land maar onderweg nog een adres in Nederland aandoet.
Advocaten
In deze uitspraak zijn geen advocaten of gemachtigden met naam genoemd.
Partijen
[verdachte]
verdachte · onbekend
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
