ECLI:NL:GHDHA:2023:1081
Gerechtshof Den Haag · 07-06-2023 · zaaknummer BK-22/00786
Inhoudsindicatie
Art. 3.90 Wet IB 2001 art. 6.1, lid 2, Wet IB 2001. Vergoeding uit het persoonsgebonden budget voor aan gehandicapte dochter verleende zorg is bij belanghebbende belast als resultaat uit overige werkzaamheden (row). Belanghebbende heeft recht op kostenaftrek row niet aannemelijk gemaakt. Belanghebbende heeft niet aannemelijk gemaakt dat voor verblijf in het zorghotel meer kosten voor medische of heelkundige behandeling zijn gemaakt dan de zorgverzekeraar heeft vergoed. Kosten voor paardrijlessen voor gehandicapten zijn gemaakt na indicatie van een revalidatiearts en zijn daarom kosten voor medische of heelkundige hulp. De reiskosten naar en van de paardrijlessen zijn aftrekbaar evenals de reiskosten voor zwemlessen en acupunctuurbehandelingen nu die lessen en behandelingen uit medisch oogpunt hebben plaatsgevonden. Belanghebbende heeft niet aannemelijk gemaakt dat zij in 2016 voor de in 2017 gevolgde dolfijntherapie al uitgaven heeft gedaan.
Advocaten
In deze uitspraak zijn geen advocaten of gemachtigden met naam genoemd.
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
