ECLI:NL:GHDHA:2022:973
Gerechtshof Den Haag · 08-06-2022 · zaaknummer 2200550317
Inhoudsindicatie
Veroordeling van de verdachte tot een levenslange gevangenisstraf voor het plegen van oorlogsmisdrijven eind jaren 70 in Ethiopië onder het Derg-regime. De verdachte heeft zich schuldig gemaakt aan arbitraire vrijheidsberoving, marteling, doden en wrede en onmenselijke behandeling van vele personen. Het hof stelt vast dat ten tijde van de tenlastegelegde feiten in Ethiopië sprake was van een niet-internationaal gewapend conflict (NIAC), dat de slachtoffers beschermde personen als bedoeld in gemeenschappelijk artikel 3 van de Geneefse Conventies waren en dat er een nexus bestond tussen het conflict en de gepleegde feiten. De rol van de verdachte wordt door het hof vastgesteld als die van medepleger. Overwegingen met betrekking tot ontvankelijkheid van het OM in de vervolging, betrouwbaarheid van getuigenverklaringen, voorwaardelijke getuigenverzoeken, bruikbaarheid van schriftelijke documenten uit Ethiopië voor het bewijs, alternatief scenario. Fair trial as a whole als bedoeld in artikel 6 EVRM. Beslissing op vorderingen van de benadeelde partijen. Wet oorlogsstrafrecht. Schending van internationaal humanitair recht.
Advocaten
- B. Vossenberg
- B. van Straaten
- J.P.A. van Schaik
- M.R. Witteveen
- N. Vogelenzang
- S. Arts
Partijen
[naam verdachte]
verdachte · onbekend
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
