ECLI:NL:GHDHA:2022:57
Gerechtshof Den Haag · 27-01-2022 · zaaknummer 2200504319
Inhoudsindicatie
Hof verklaart officier van justitie niet-ontvankelijk in de vervolging. Het voorbereidend onderzoek naar verzekeringsfraude is verricht door en in opdracht van een verzekeringsmaatschappij (tevens gedupeerde). Naar het oordeel van het hof heeft de vervolging plaatsgevonden zonder dat van opsporing sprake is geweest. Met deze gang van zaken is een fundamentele inbreuk gemaakt op het strafvorderlijk systeem. Dat vereist dat vervolging plaatsvindt naar aanleiding van een opsporingsonderzoek. Opsporing gebeurt onder gezag van de officier van justitie door ambtenaren, die bij de wet zijn aangewezen (zie artikelen 132a, 141 en 167 van het wetboek van strafvordering). Deze bepalingen vormen het fundament voor een integere en onafhankelijke rechtspraak die de waarheidsvinding tot doel heeft. Door een inbreuk hierop te maken, is het wettelijk systeem in de kern geraakt.
Advocaten
In deze uitspraak zijn geen advocaten of gemachtigden met naam genoemd.
Partijen
[verdachte]
verdachte · onbekend
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
