ECLI:NL:GHDHA:2021:802
Gerechtshof Den Haag · 26-04-2021 · zaaknummer 2200489718
Inhoudsindicatie
Het hof veroordeelt de verdachte voor bedreiging van zijn ex-partner. Verweer m.b.t. redelijke vrees. Het hof is gelet op de inhoud van de uitlatingen die de verdachte heeft gedaan gezien de door hem gekozen bewoordingen, in samenhang met de context waarbinnen de dreigementen zijn geuit, van oordeel dat bij de aangeefster de redelijke vrees kon ontstaan dat de verdachte de daad bij het woord zou voegen en dat zij en haar zoon door toedoen van de verdachte het leven zou kunnen verliezen (HR 7 juni 2005, NJ 2005/448). Voorwaardelijke taakstraf van 10 uren met een proeftijd van 1 jaar.
Advocaten
In deze uitspraak zijn geen advocaten of gemachtigden met naam genoemd.
Partijen
[verdachte]
verdachte · onbekend
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
