ECLI:NL:GHDHA:2021:68
Gerechtshof Den Haag · 12-01-2021 · zaaknummer BK-20/00395 en 20/00396
Inhoudsindicatie
Belanghebbende heeft in zijn aangiften IB/PVV 2012 en 2013 giften aan een instelling opgevoerd als aftrekpost. De Inspecteur heeft de giften na door belanghebbende verstrekte giftkwitanties in aftrek toegestaan. De Inspecteur heeft de aftrek teruggenomen met de opgelegde navorderingsaanslagen. Nu belanghebbende in de bezwaarfase niet is bijgestaan door een professionele rechtsbijstandverlener en voorts niet in de bezwaarfase reeds om vergoeding van de door hem gemaakte kosten heeft verzocht heeft de Rechtbank ten onrechte een vergoeding van de kosten in de bezwaarfase toegekend. Voorts zijn de zaken van belanghebbende en de gelijktijdig in bezwaar en beroep behandelde zaken van de echtgenote van belanghebbende, gelet op het feit dat deze nagenoeg identiek zijn, voor de toekenning van de proceskosten ten onrechte niet als samenhangende zaken aangemerkt. Het Hof kent alsnog een juist berekende proceskostenvergoeding toe, waarvan de helft aan belanghebbende en de helft aan zijn echtgenote wordt toegerekend. Het Hof oordeelt verder dat belanghebbende met de giftkwitanties niet aannemelijk heeft gemaakt dat hij daadwerkelijk giften heeft gedaan.
Advocaten
In deze uitspraak zijn geen advocaten of gemachtigden met naam genoemd.
Partijen
[belanghebbende]
belanghebbende · onbekend
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
