ECLI:NL:GHDHA:2021:1680
Gerechtshof Den Haag · 07-09-2021 · zaaknummer BK-21/00155
Inhoudsindicatie
Artikelen 6:5, 6:6, 6:7, 6:8, 6:9 Awb; eisen die gesteld worden aan een (pro forma) bezwaarschrift. Het bezwaar is in beroep ten onrechte niet-ontvankelijk verklaard. Uit de inhoud en strekking van het geschrift met bijlage blijkt voldoende dat het bezwaar is gericht tegen de aanslag en beschikking van belanghebbende. De Heffingsambtenaar had gelegenheid moeten bieden om het verzuim te herstellen. Artikel 24a AWR; de Heffingsambtenaar dient bij bezwaren van verschillende belanghebbenden, welke bezwaren zijn vervat in één geschrift, de gelegenheid te bieden het gezamenlijke bezwaar te splitsen.
Advocaten
In deze uitspraak zijn geen advocaten of gemachtigden met naam genoemd.
Partijen
[belanghebbende]
belanghebbende · onbekend
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
