ECLI:NL:GHDHA:2020:549
Gerechtshof Den Haag · 25-03-2020 · zaaknummer 2200224819
Inhoudsindicatie
Vernietiging van het vonnis waarvan beroep ten aanzien van de opgelegde straf en de motivering daarvan. Bevestiging van het vonnis voor het overige. De verdachte heeft zich gedurende een periode van ruim een jaar samen met een ander schuldig gemaakt aan de handel in cocaïne. Hij heeft daarmee een bijdrage geleverd aan de instandhouding van het drugscircuit in het land. Daarbij komt dat drugs veelal, direct en indirect, leiden tot verschillende vormen van ook ernstige criminaliteit. Een feit als dit brengt bovendien onrust voor de samenleving met zich en is maatschappelijk gezien onaanvaardbaar. De verdachte heeft hiervoor kennelijk geen enkel oog gehad. Het hof is - alles afwegende - van oordeel dat gelet op de ernst van het feit alleen een gevangenisstraf van na te melden duur een passende en geboden reactie vormt. Het hof zal echter een gedeelte van deze gevangenisstraf voorwaardelijk opleggen. Gelet op voornoemde rapporten en het gebrek aan informatie omtrent de huidige persoonlijke omstandigheden van de verdachte, zal het hof, anders dan gevorderd door de advocaat-generaal, hieraan geen bijzondere voorwaarden verbinden. 12 maanden gevangenisstraf, met aftrek van voorarrest, waarvan 2 maanden voorwaardelijk met een proeftijd van twee jaren.
Advocaten
In deze uitspraak zijn geen advocaten of gemachtigden met naam genoemd.
Partijen
[verdachte]
verdachte · onbekend
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
