Place4Law · het juridische netwerkLive in Nederland · editie 2026
Place4Law: weegschaal, verbonden handen

ECLI:NL:GHDHA:2020:389

Gerechtshof Den Haag · 25-02-2020 · zaaknummer BK-19/00263

Bestuursrecht; BelastingrechtGepubliceerd 04-03-2020
Deel LinkedIn

Inhoudsindicatie

Belangh. werkt vanaf oktober 2012 tot en met augustus 2013 in Rusland voor een Russische werkgever. Verder geniet hij pensioen en inkomen uit een stamrechtvennootschap. De eigen woning in Nederland heeft hij aangehouden. In Rusland had hij een huurflat. Bankrekeningen, auto, lidmaatschappen e.d werden in Nederland aangehouden. Belanghebbende is inwoner van Nederland naar Nederlands nationaal recht (art. 4 AWR) en inwoner van Nederland voor de toepassing van artikel 4, lid 1, van het Verdrag Nederland-Rusland. Nu belangh. in beide staten een duurzaam tehuis heeft, heeft het Hof beoordeeld met welke staat zijn persoonlijke en economische betrekkingen het nauwst zijn. Het Hof oordeelt dat het middelpunt van de levensbelangen in Nederland is. Hierbij wordt acht geslagen op: de eigen woning in Nederland waarin de echtgenote het grootste gedeelte van het jaar is gebleven, de woning in Rusland werd in beginsel voor een jaar gehuurd, er is een tijdelijke verblijfsvergunning door Rusland verstrekt; belangh. is uiteindelijk minder dan één jaar in Rusland werkzaam geweest; geen sprake van een duurzaam gescheiden leven in die zin dat de echtelieden onafhankelijk van elkaar hun levens inrichtten en geen duurzame band meer met elkaar zouden onderhouden. Verder ging belangh. naar Nederland om mee te doen aan golfwedstrijden en genoot hij looninkomsten en pensioenuitkeringen en stamrechtuitkeringen uit Nederland en bleef de stamrechtvennootschap in Nederland gevestigd. De stelling dat het door belangh. in het buitenland opgebouwde deel van zijn pensioen niet belast mag worden, wordt verworpen omdat niet aannemelijk is gemaakt dat in de opbouwjaren waarin belangh. in het buitenland werkte, de aanspraak in het buitenland onderworpen was aan belasting. Geen beroep op het besluit van de staatssecretaris van Financiën van 31 januari 2008, CPP2007/98M, Stcrt. 2008, 27 (BNB 2008/119), laatstelijk gewijzigd bij besluit van 9 oktober 2015, nr. DGB2015/7010M, Stcrt. 2015, 36798 (BNB 2016/124).

Advocaten

In deze uitspraak zijn geen advocaten of gemachtigden met naam genoemd.

Gemachtigden en juristen in deze zaak

In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.

Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.