ECLI:NL:GHDHA:2020:359
Gerechtshof Den Haag · 03-03-2020 · zaaknummer 200.262.968
Civiel rechtGepubliceerd 28-02-2020
Deel LinkedIn
Inhoudsindicatie
vrijheid van meningsuiting en recht op eerbiediging van de persoonlijke levenssfeer; art. 7 en 10 Grondwet, art. 8 en 10 EVRM; uitlatingen over de wederpartij aan de pers zijn niet onrechtmatig; geen rectificatiegebod; geen verbod.
Advocaten
- A. Ramsaroep
- A.A. Muilwijk-Schaaij
- G. Dulek-Schermers
- H.J.M. Burg
- S.K. Gopal
Partijen
[appellant]
appellant · onbekend
[geïntimeerde]
geïntimeerde · onbekend
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
