ECLI:NL:GHDHA:2020:2709
Gerechtshof Den Haag · 13-02-2020 · zaaknummer 2200537414
Inhoudsindicatie
De verdachte heeft zich schuldig gemaakt aan schuldwitwassen door een geldbedrag voorhanden te hebben terwijl zij redelijkerwijs moest vermoeden dat dit geldbedrag afkomstig was van enig misdrijf. Naar het oordeel van het hof komt de ernst van het bewezenverklaarde onvoldoende tot uitdrukking in het door de advocaat-generaal gevorderde. Het hof legt daarom een zwaardere straf op dan door de advocaat-generaal is gevorderd. Ernstige overschrijding van de redelijke termijn in de straf verdisconteerd. Taakstraf 80 uren.
Advocaten
In deze uitspraak zijn geen advocaten of gemachtigden met naam genoemd.
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
