ECLI:NL:GHDHA:2020:2257
Gerechtshof Den Haag · 25-11-2020 · zaaknummer 200.268.029/01
Inhoudsindicatie
In het kader van de verdeling komt aan de orde of de vrouw aan de man een bedrag aan goodwill dient te voldoen. De vrouw is ondernemer en exploiteert een eenmanszaak. Het hof maakt een duidelijk onderscheid in persoonlijke goodwill en zakelijke goodwill. Naar het oordeel van het hof is er geen sprake van zakelijke goodwill nu de winstgevendheid van de onderneming volledig afhankelijk is van de capaciteiten van de vrouw. De deelgenoten in een onverdeelde boedel dienen zich te gedragen conform de beginselen van redelijkheid en billijkheid. Van de man kon in redelijkheid niet verlangd worden dat hij er aan meewerkte dat de voorwaarden van de hypothecaire geldlening werden aangepast
Rechters
In deze uitspraak zijn geen namen van rechters gepubliceerd.
Advocaten
- R.R.J.W. Delsing
- T. Venneman
Partijen
[appellant]
appellant · onbekend
[geïntimeerde]
geïntimeerde · onbekend
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
