ECLI:NL:GHDHA:2020:2179
Gerechtshof Den Haag · 18-11-2020 · zaaknummer 2200374919
Inhoudsindicatie
De verdachte heeft zich meermalen schuldig gemaakt aan zware mishandeling van haar dochter (6 jaar), alsmede aan het in een hulpeloze toestand brengen of laten van haar dochter, met zwaar lichamelijk letsel ten gevolge. Verdachte heeft haar dochter op de wangen, buik en rug gebrand met een verhitte vork. Het ontstane letsel (littekens) wordt gekwalificeerd als zwaar lichamelijk letsel. De verdachte heeft haar dochter ook geslagen, onvoldoende eten gegeven en niet naar school gebracht. De verdachte, van Afrikaanse afkomst, zegt tot haar handelen te zijn aangezet door de duivel. Zij wijst alle Westerse hulp af. De eis was vijftien maanden. De verdachte is verminderd toerekeningsvatbaar. Mede om die reden legt het hof een onvoorwaardelijke gevangenisstraf op voor de duur van zeven maanden.
Advocaten
In deze uitspraak zijn geen advocaten of gemachtigden met naam genoemd.
Partijen
[verdachte]
verdachte · onbekend
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
