ECLI:NL:GHDHA:2020:181
Gerechtshof Den Haag · 21-01-2020 · zaaknummer BK-19/00408
Inhoudsindicatie
Aan belanghebbende is in juli 2017 een informatiebeschikking afgegeven. Het Hof oordeelt dat de informatiebeschikking terecht is afgegeven nu tussen partijen is niet in geschil dat de Inspecteur zich in redelijkheid op het standpunt heeft kunnen stellen dat de gevraagde bescheiden van belang konden zijn voor de belastingheffing in de onderhavige jaren en voorts staat vast dat belanghebbende de door de Inspecteur verzochte gegevens ten tijde van het opleggen van de informatiebeschikking niet (volledig) beschikbaar heeft gesteld. De argumenten van belanghebbende waarom niet aan tijdig aan het informatieverzoek is voldaan, leiden niet tot een ander oordeel. Voorts komt het Hof tot de conclusie dat belanghebbende kennelijk onredelijk gebruik heeft gemaakt van het procesrecht door te procederen tegen de informatiebeschikking, zodat aan belanghebbende geen nadere termijn wordt verleend om alsnog aan het informatieverzoek te voldoen.
Advocaten
In deze uitspraak zijn geen advocaten of gemachtigden met naam genoemd.
Partijen
[belanghebbende]
belanghebbende · onbekend
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
