ECLI:NL:GHDHA:2019:844
Gerechtshof Den Haag · 05-04-2019 · zaaknummer 22-003479-18
Inhoudsindicatie
Medeplegen van heling van fietsen. In het ene geval oordeelt het hof dat de verdachte weliswaar aanwezig was bij de poging tot verkoop van een gestolen fiets en daarbij mogelijk een rol heeft gespeeld, maar dat niet voldoende duidelijk is geworden of de bijdrage van de verdachte van voldoende gewicht is voor medeplegen. In het andere geval oordeelt het hof dat wel bewezen is dat de verdachte zich schuldig heeft gemaakt aan het medeplegen van de opzetheling van een gestolen fiets. De verdachte wordt een dag na de diefstal op de fiets aangetroffen. Gelet op het gedrag van de verdachte toen hij agenten zag en gelet op zijn met de waarnemingen van de agenten en camerabeelden strijdige verklaring dat hij niet op de fiets gefietst had, mag van verdachte omtrent het voorhanden hebben van de fiets een aannemelijke verklaring worden verwacht. Deze heeft hij niet gegeven. Het hof acht bewezen dat de verdachte en de medeverdachte de fiets voorhanden hebben gehad terwijl zij wisten dat de fiets van misdrijf afkomstig was. Veroordeling tot gevangenisstraf voor de duur van 2 weken, waarvan 1 week voorwaardelijk. Hof wijst op mogelijkheid tot compensatie ex art. 90 lid 4 Sv.
Advocaten
In deze uitspraak zijn geen advocaten of gemachtigden met naam genoemd.
Partijen
[verdachte]
verdachte · onbekend
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
