ECLI:NL:GHDHA:2019:597
Gerechtshof Den Haag · 18-03-2019 · zaaknummer 22-003690-18
Inhoudsindicatie
In de zaken van de verdachte en zijn medeverdachten is sprake van eenzelfde feitencomplex, dezelfde verdenking en dezelfde rol van de onderscheiden personen. Ter terechtzitting in hoger beroep is niet gebleken in welk opzicht de zaak tegen de verdachte zich zodanig van die van zijn medeverdachten onderscheidt dat daardoor de beslissing is genomen om hem wel te vervolgen en zijn medeverdachten niet. Dit leidt tot schending van het gelijkheidsbeginsel. Het hof verklaart het Openbaar Ministerie ter zake van het ten laste gelegde niet-ontvankelijk in zijn strafvervolging.
Advocaten
In deze uitspraak zijn geen advocaten of gemachtigden met naam genoemd.
Partijen
[verdachte]
verdachte · onbekend
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
