ECLI:NL:GHDHA:2019:3727
Gerechtshof Den Haag · 16-12-2019 · zaaknummer 2200310519
Inhoudsindicatie
Vrijspraak opzettelijk aanwezig hebben harddrugs (art. 2 Opiumwet). Naar het oordeel van het hof is er onvoldoende bewijs om de conclusie te kunnen rechtvaardigen dat de verdachte wetenschap had van de aanwezigheid van de in de woning van zijn toenmalige vriendin aangetroffen cocaïne. Voorts is er naar het oordeel van het hof onvoldoende bewijs dat er sprake was van een zodanige betrokkenheid van de verdachte dat die cocaïne zich in de machtssfeer van de verdachte bevond.
Advocaten
In deze uitspraak zijn geen advocaten of gemachtigden met naam genoemd.
Partijen
[verdachte]
verdachte · onbekend
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
