ECLI:NL:GHDHA:2019:3290
Gerechtshof Den Haag · 26-11-2019 · zaaknummer BK-19/00361
Inhoudsindicatie
Belanghebbende woont op nummer (G) (de benedenwoning/garage) en zijn echtgenote op nummer (H) (de bovenwoning). Beide panden zijn gezamenlijk eigendom en voor beide panden ontvangen zij tot 2018 aparte WOZ-beschikkingen. Voor het jaar 2018 heeft de heffingsambtenaar de woningen voor toepassing van de Wet waardering onroerende zaken (de Wet WOZ) tezamen als één onroerende zaak aangemerkt, hetgeen belanghebbende betwist. Relevant voor de afbakening van een onroerende zaak, als bedoeld in de Wet WOZ, zijn de afsluitbaarheid van het gedeelte en of het gedeelte beschikt over voor bewoning noodzakelijke voorzieningen, te weten een eigen kookgelegenheid, wasgelegenheid en sanitair, waaraan niet afdoet dat sommige van die voorzieningen beperkt zijn. Op grond van deze voorwaarden kwalificeert de benedenwoning/garage naar het oordeel van het Hof als onroerende zaak. Dat deze woning/garage enkel over een wastafel met warm en koud water beschikt als wasgelegenheid, leidt niet tot een ander oordeel.
Advocaten
In deze uitspraak zijn geen advocaten of gemachtigden met naam genoemd.
Partijen
[belanghebbende]
belanghebbende · onbekend
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
