ECLI:NL:GHDHA:2019:2758
Gerechtshof Den Haag · 09-10-2019 · zaaknummer 22-001702-19
Inhoudsindicatie
De verdachte wordt vrijgesproken van de hem ten laste gelegde bedreiging (art. 285 Sr). De verdachte deed zijn uitlatingen tijdens een politieverhoor. Mede gelet op de beslotenheid van genoemd verhoor acht het hof niet wettig en overtuigend bewezen dat het opzet van de verdachte erop was gericht dat aangever daadwerkelijk van zijn uitlatingen op de hoogte zou raken, terwijl ook niet zonder meer valt in te zien dat er een aanmerkelijke kans was dat aangever van die uitlatingen op de hoogte zou worden gesteld. Veroordeling wegens mishandeling (art. 300 Sr). De verdachte heeft aangever met kracht in het gezicht geslagen omdat hij in de veronderstelling verkeerde dat aangever opzettelijk een klap op zijn bestelbus had gegeven. Verwerping beroep op (putatief) noodweer.
Advocaten
In deze uitspraak zijn geen advocaten of gemachtigden met naam genoemd.
Partijen
[verdachte]
verdachte · onbekend
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
