ECLI:NL:GHDHA:2019:2102
Gerechtshof Den Haag · 06-08-2019 · zaaknummer 22-004108-18
Inhoudsindicatie
De verdachte heeft verklaard dat hij wist dat zijn toenmalige vrouw en de moeder van zijn destijds zes respectievelijk drie jaar oude dochters te kampen had met psychische klachten en dat hij zich zorgen maakte dat zij hun kinderen niet (altijd) de zorg bood die van een moeder verwacht mag worden. Op enig moment heeft de verdachte bij zijn oudste dochter verwondingen op het lichaam gezien die er op duidden dat zij door haar moeder was gebrandmerkt met een hete vork. Na die ontdekking heeft de verdachte in zijn rol als vader van dat jonge meisje naar het oordeel van het hof onvoldoende adequaat gereageerd. Hij heeft nagelaten contact te zoeken met hulpverlenende instanties en heeft geen medische zorg geboden of ingeroepen. Het hof veroordeelt de verdachte tot een taakstraf voor de duur van 140 uren, subsidiair 70 dagen hechtenis.
Advocaten
In deze uitspraak zijn geen advocaten of gemachtigden met naam genoemd.
Partijen
[verdachte]
verdachte · onbekend
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
