ECLI:NL:GHDHA:2019:1339
Gerechtshof Den Haag · 08-05-2019 · zaaknummer 22-003194-18
Inhoudsindicatie
Wederspannigheid (art. 180 Sr). Binnentreden woning op grond van de artikelen 3 en 7 van de Politiewet 2012 rechtmatig. Gebruik pepperspray. Handelen in strijd met ambtsinstructie. Geen sprake van één van de gevallen omschreven in artikel 12a lid 1, aanhef en onder a, b of c, van de Ambtsinstructie. Daarnaast gaat het hof ervan uit dat de verbalisanten niet op de door artikel 12b van de Ambtsinstructie voorgeschreven wijze hebben gewaarschuwd voor het gebruik van pepperspray. Overigens is voorts niet onaannemelijk dat bij het gebruik daarvan niet de door artikel 12c van de Ambtsinstructie voorgeschreven afstand in acht is genomen. Pas na het gebruik van de pepperspray is de verdachte zich gaan verzetten op de wijze zoals aan hem is ten laste gelegd. Beroep op niet-ontvankelijkheid openbaar ministerie verworpen. Vrijspraak omdat niet bewezen kan worden dat de in de tenlastelegging genoemde verbalisanten ten tijde van het ten laste gelegde verzet van de verdachte in de rechtmatige uitoefening van hun bediening werkzaam waren.
Advocaten
In deze uitspraak zijn geen advocaten of gemachtigden met naam genoemd.
Partijen
[verdachte]
verdachte · onbekend
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
