ECLI:NL:GHDHA:2019:1185
Gerechtshof Den Haag · 08-05-2019 · zaaknummer BK-18/00948
Inhoudsindicatie
Belanghebbende is in de eerste Golfoorlog gewond geraakt en ontvangt daarom een disability compensation van het Amerikaanse Department of Veterans Affairs. De Inspecteur heeft de disability compensation tot belanghebbendes premie-inkomen voor de heffing van premie volksverzekeringen gerekend. De disability compensation is vrijgesteld van inkomstenbelasting op basis van het Belastingverdrag Nederland-Verenigde Staten 1992. Het Hof oordeelt dat de disability compensation naar Nederlands nationaal recht niet moet worden aangemerkt als (vrijgesteld) loon maar als periodieke uitkering ontvangen op grond van een publiekrechtrechtelijke regeling (art. 3.100, aanhef en letter a, jo. art. 3.101, lid 1, aanhef en letter a, Wet IB 2001). De kwalificatie van de disability compensation onder het Amerikaanse nationale recht heeft geen invloed op de kwalificatie van die uitkering onder het Nederlandse nationale recht. Van strijdigheid van de Nederlandse premieheffing met de goede trouw die in acht moet worden genomen bij de uitleg en toepassing van het Socialezekerheidsverdrag Nederland-Verenigde Staten van 1987 kan geen sprake zijn, nu dat verdrag in casu niet van toepassing is
Advocaten
In deze uitspraak zijn geen advocaten of gemachtigden met naam genoemd.
Partijen
[belanghebbende]
belanghebbende · onbekend
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
