ECLI:NL:GHDHA:2019:1179
Gerechtshof Den Haag · 01-05-2019 · zaaknummer 22-004972-18
Inhoudsindicatie
Veroordeling medewerkster thuiszorg wegens diefstal. Bewijsoverwegingen over onder meer bewijsgaring door familie van het slachtoffer. Taakstraf van 120 uur en voorwaardelijke gevangenisstraf van 2 maanden. Geen beroepsverbod: gelet op art. 313 Sr bestaat die mogelijkheid niet bij een veroordeling wegens diefstal. Het hof kan vanzelfsprekend niet de leemte die de wet hier vertoont wegnemen door zonder wettelijke grondslag toch een beroepsverbod op te leggen. Het is – indien dat wenselijk wordt geacht – aan de wetgever hierin te voorzien. Vordering benadeelde partij niet-ontvankelijk. Art. 51f Sv: erfgenamen kunnen zich na het overlijden van het slachtoffer alleen dan in het strafproces voegen indien het slachtoffer is overleden ten gevolge van het ten laste van de verdachte bewezenverklaarde feit. Dat is in de onderhavige zaak niet het geval.
Advocaten
In deze uitspraak zijn geen advocaten of gemachtigden met naam genoemd.
Partijen
[naam verdachte]
verdachte · onbekend
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
