ECLI:NL:GHDHA:2018:3136
Gerechtshof Den Haag · 31-10-2018 · zaaknummer 22-000808-17
Inhoudsindicatie
Wederspannigheid (art. 180 Sr). Het hof heeft niet kunnen vaststellen dat de verbalisanten werkzaam waren in de rechtmatige uitoefening van hun bediening. Vraag of RET-medewerkers in de rechtmatige uitoefening van hun bediening waren. Gelet op de discrepanties tussen de processen-verbaal en RHC-verklaringen van de verbalisanten enerzijds en de verklaringen van de verdachte, een getuige en in het bijzonder hetgeen te zien is op de beelden anderzijds, acht het hof het niet verantwoord voor wat betreft de wijze waarop de aanhouding heeft plaatsgevonden en hetgeen door de verbalisanten en de verdachte in dat verband zou zijn gedaan uit te gaan van hetgeen de verbalisanten daarover hebben geverbaliseerd en/of verklaard. Het hof kan zich niet aan de indruk onttrekken dat de verbalisanten bewust geen volledige openheid van zaken hebben gegeven over het van hun kant tegen de verdachte gebruikte geweld. Het is niet onaannemelijk dat er sprake is geweest van buitenproportioneel geweld van de zijde van de bijzondere opsporingsambtenaren die betrokken waren bij de aanhouding van de verdachte. Vrijspraak.
Advocaten
In deze uitspraak zijn geen advocaten of gemachtigden met naam genoemd.
Partijen
[verdachte]
verdachte · onbekend
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
