ECLI:NL:GHDHA:2016:2775
Gerechtshof Den Haag · 22-09-2016 · zaaknummer 22-004714-15
Inhoudsindicatie
Aan de verdachte is oplichting ten laste gelegd. Tot bewezenverklaring van oplichting te komen is een vereiste dat deze mededelingen een ‘listige kunstgreep’ dan wel een ‘samenweefsel van verdichtsels’ vormen als in artikel 326 van het Wetboek van Strafrecht bedoeld. Het hof is van oordeel dat dat niet wettig en overtuigend bewezen kan worden. Het hof verklaart niet bewezen dat de verdachte het onder 1 ten laste gelegde heeft begaan en spreekt de verdachte daarvan vrij. De benadeelde partij is niet ontvankelijk in zijn vordering tot schadevergoeding.
Advocaten
In deze uitspraak zijn geen advocaten of gemachtigden met naam genoemd.
Partijen
[verdachte]
verdachte · onbekend
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
