ECLI:NL:GHDHA:2014:3978
Gerechtshof Den Haag · 03-12-2014 · zaaknummer 200.152.288/01
Inhoudsindicatie
Het hof gaat bij de bepaling van de behoefte van een minderjarige waarvan de ouders nimmer in gezinsverband hebben samengeleefd, uit van het gemiddelde van de behoefte berekend op basis van het inkomen van de ene ouder en de behoefte op basis van het inkomen van de andere ouder. Het hof neemt daarbij het jaar waarin de relatie tussen de ouders is geëindigd en waarin de minderjarige is geboren als uitgangspunt. Bij het inkomen van de vrouw heeft het hof het persoonsgebonden budget dat de vrouw ontving ten behoeve van haar andere kind in aanmerking genomen. Wat betreft de draagkracht van de man heeft het hof aan de man een verdiencapaciteit toegerekend, gelet op zijn opleiding, werkervaring en netwerk. Op grond hiervan heeft het hof met ingang van 1 maart 2015 de kinderalimentatie vastgesteld op € 250 p.m.
Rechters
In deze uitspraak zijn geen namen van rechters gepubliceerd.
Advocaten
Partijen
[appellant]
appellant · onbekend
[geïntimeerde]
geïntimeerde · onbekend
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
