ECLI:NL:GHARN:2007:BA8401
Gerechtshof Arnhem · 05-06-2007 · zaaknummer 2006/1007
Inhoudsindicatie
Hamvraag is of de op 16 juni 2006 opgerichte besloten vennootschap (FFL) moet worden aangemerkt als de vennootschap die partijen bij het tot stand komen van de overeenkomst van geldlening op 7 oktober 2003 op het oog hadden. Nu de beoogde vennootschap in elk geval de belangen van Boni diende indien en zodra zij een substantiële lening aan FFL i.o. zou hebben verstrekt en ondermeer vaststaat dat ten tijde van de oprichting van FFL op 16 juni 2006 de samenwerking tussen partijen reeds geruime tijd was geëindigd, komt het hof tot de conclusie dat de op 16 juni 2006 opgerichte besloten vennootschap (FFL) niet moet worden aangemerkt als de vennootschap die partijen bij het tot stand komen van de overeenkomst van geldlening op 7 oktober 2003, op het oog hadden. Dit oordeel impliceert dat [geïntimeerde] als gevolg van de bekrachtiging van de overeenkomst van geldlening door FFL op 21 juni 2006 niet van zijn in artikel 2:203 lid 2 BW bedoelde hoofdelijke aansprakelijkheid is bevrijd.
Rechters
In deze uitspraak zijn geen namen van rechters gepubliceerd.
Advocaten
Partijen
[geïntimeerde]
geïntimeerde · onbekend
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
