ECLI:NL:GHARN:2007:BA2903
Gerechtshof Arnhem · 27-03-2007 · zaaknummer 2006/662
Inhoudsindicatie
Het hof overweegt dat van Gacon als zorgvuldig en deskundig aannemer mag worden verwacht dat zij de door SRA ter beschikking gestelde ondergrond niet blindelings gebruikt, maar dat zij de ondergrond beoordeelt op geschiktheid voor het aanbrengen van de beoogde vloercoating. Immers, artikel 7:754 BW, dat een neerslag vormt van het recht zoals dat gold vóór de huidige wet, bepaalt onder meer dat de aannemer bij het uitvoeren van de overeenkomst verplicht is de opdrachtgever te waarschuwen voor ongeschiktheid van zaken afkomstig van de opdrachtgever, daaronder begrepen de grond waarop de opdrachtgever een werk laat uitvoeren, voor zover hij deze kende of redelijkerwijs behoorde te kennen. In dat kader is van belang dat de deskundige heeft geoordeeld dat de onderhavige schade voorkomen had kunnen worden door het opzetten van een proefvlak. De op de oude vloer aangebrachte sportbelijning was duidelijk zichtbaar en had bij Gacon, als deskundige, de vraag moeten opwerpen of deze omstandigheid aanvullende maatregelen nodig maakte. Gacon had derhalve de ongeschiktheid van de ondergrond redelijkerwijs behoren te kennen. SRA mocht vertrouwen op de bij Gacon aanwezige deskundigheid ten aanzien van de geschiktheid van de oude vloer als ondergrond voor de aan te brengen vloercoating.
Rechters
In deze uitspraak zijn geen namen van rechters gepubliceerd.
Advocaten
In deze uitspraak zijn geen advocaten of gemachtigden met naam genoemd.
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
