ECLI:NL:GHARN:2007:BA2842
Gerechtshof Arnhem · 20-03-2007 · zaaknummer 2006/102
Inhoudsindicatie
Het onderhavige hoger beroep betreft de door geïntimeerde ingestelde vordering tot het aanmerken van A. naast geïntimeerde als medepachter in de bestaande pachtovereenkomst. De pachtkamer in eerste aanleg heeft deze vordering toegewezen. [..] Bij de uitleg van de onderhavige pachtovereenkomst komt het aan op de zin die partijen bij de overeenkomst in de gegeven omstandigheden over en weer redelijkerwijs daaraan mochten toekennen en op hetgeen zij te dien aanzien redelijkerwijs van elkaar mochten verwachten. Daarbij kan mede van belang zijn tot welke maatschappelijke kringen partijen behoren en welke rechtskennis van hen kan worden verwacht. Voorts heeft te gelden dat de uitleg van de overeenkomst niet dient plaats te vinden op grond van alleen maar de taalkundige betekenis van de bewoordingen waarin die zinsnede is gesteld, maar dat in praktisch opzicht de taalkundige betekenis die deze zinsnede, gelezen in de context van de overeenkomst als geheel, in (de desbetreffende kring van) het maatschappelijk verkeer normaal gesproken heeft, bij de uitleg van die overeenkomst vaak wel van groot belang is.
Rechters
In deze uitspraak zijn geen namen van rechters gepubliceerd.
Advocaten
- A.A.M. van Beek
- D.M.H.M. van Dijk
Partijen
[geïntimeerde]
geïntimeerde · onbekend
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
