ECLI:NL:GHARN:2006:AX6565
Gerechtshof Arnhem · 08-05-2006 · zaaknummer 2006/251
Inhoudsindicatie
Het hof is van oordeel dat door de uitlatingen van [appellant] ter zitting van het hof voldoende aannemelijk is geworden dat het vonnis in hoger beroep, waarbij [appellant] werd veroordeeld wegens handel in drugs, onherroepelijk is geworden, waardoor deze straf, is komen vast te staan. Ook zijn naar het oordeel van het hof de beide andere strafbare feiten ter zake van mensenhandel en boekhoudfraude, waarvoor [appellant] bij verstek is veroordeeld, voldoende aannemelijk geworden, nu [appellant] hiertegenover slechts het niet nader onderbouwd verweer heeft gevoerd dat deze veroordelingen niet terecht zijn. Daarmee staan naar het oordeel van het hof ook de voor deze feiten opgelegde geldboetes tot een totaalbedrag van Bfr 550.000,- en de betalingsverplichting wegens wederrechtelijk verkregen voordeel tot een totaalbedrag van Bfr 710.000,- voldoende vast. Het hof is van oordeel dat [appellant] in elk geval ten aanzien van deze schulden niet te goeder trouw is geweest. Deze schulden staan, gelet op de ernst van de misdrijven waarop ze betrekking hebben, ook naar het oordeel van het hof aan toelating tot de schuldsaneringsregeling in de weg, ook al zijn ze langer dan vijf jaar geleden ontstaan.
Rechters
In deze uitspraak zijn geen namen van rechters gepubliceerd.
Advocaten
In deze uitspraak zijn geen advocaten of gemachtigden met naam genoemd.
Partijen
[appellant]
appellant · onbekend
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
