ECLI:NL:GHARN:2004:AP3290
Gerechtshof Arnhem · 07-06-2004 · zaaknummer 02-04420
Inhoudsindicatie
Naar het oordeel van het Hof kan het in 4.2. tot en met 4.4. vermelde handelen en nalaten worden aangemerkt als evenzovele daden die de mening van belanghebbende of haar rechtsopvolgers omtrent het aanvaarden van de nalatenschap van erflater noodzakelijk aan de dag leggen (vergelijk Hoge Raad 22 december 1976, nummer 18.134, BNB 1977/29). Belanghebbende en, na haar overlijden, haar rechtsopvolgers hebben de nalatenschap van erflater stilzwijgend aanvaard. Daaraan doet niet af dat belanghebbende mogelijk geen belang hechtte aan haar aandeel in de nalatenschap van erflater, noch dat zij en haar erfgenamen niet op de hoogte waren van de mogelijkheid de nalatenschap te verwerpen en de wijze waarop dit diende te geschieden. Het verwerpen van een erfenis kan niet meer rechtsgeldig geschieden nadat de desbetreffende erfgenaam de nalatenschap reeds uitdrukkelijk of stilzwijgend heeft aanvaard.
Rechters
Advocaten
In deze uitspraak zijn geen advocaten of gemachtigden met naam genoemd.
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
