ECLI:NL:GHARL:2026:167
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden · 13-01-2026 · zaaknummer 200.342.748
Inhoudsindicatie
Schuldenaar heeft na zijn faillietverklaring een bankrekening geopend bij een Duitse bank. Omdat de schuldenaar door het faillissement niet meer bevoegd was om geld van die rekening op te nemen en betalingen en overschrijvingen te verrichten, maar dat wel heeft gedaan, vordert de curator een vergoeding van de bank. De bank verweert zich met de stelling dat zij niet wist van het faillissement omdat het niet in Duitsland was ingeschreven. Net als de rechtbank stelt het hof de curator in het gelijk. Art. 20, 23, 24 en 52 Faillissementswet. Art. 28, 29 en 31 Verordening (EU) 2015/848 betreffende insolventieprocedures.
Advocaten
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
