ECLI:NL:GHARL:2018:9532
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden · 30-10-2018 · zaaknummer 200.236.310/01
Inhoudsindicatie
In eerste aanleg is de huurder onder meer veroordeeld tot betaling van de huurachterstand. Hangende hoger beroep heeft de huurder schorsing van de uitvoerbaarheid bij voorraad gevraagd. Die incidentele vordering is afgewezen, omdat het belang van de schuldeiser in dit geval zwaarder weegt dan dat van de schuldenaar. Verder is gevorderd dat het hof de verhuurder verbiedt om het faillissement van de huurder aan te vragen. Die vordering acht het hof niet toewijsbaar op de voet van art. 351 Rv en ook niet als andere incidentele of provisionele vordering.
Advocaten
- D. Talsma
- Y.M. Moons
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
