ECLI:NL:GHARL:2018:5332
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden · 08-06-2018 · zaaknummer WAHV 200.197.748
Inhoudsindicatie
Er bestond in de procedure bij de kantonrechter recht op verstrekking van processtukken op grond van artikel 11, vierde lid (oud), Wahv. De gemachtigde heeft echter pas om stukken gevraagd nadat de door de kantonrechter bepaalde en door de griffier medegedeelde termijn was verstreken. Dat de gemachtigde niet in het bezit was van de op de zaak betrekking hebbende stukken komt daarom voor zijn rekening.
Rechters
In deze uitspraak zijn geen namen van rechters gepubliceerd.
Advocaten
In deze uitspraak zijn geen advocaten of gemachtigden met naam genoemd.
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
