ECLI:NL:GHARL:2018:4624
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden · 22-05-2018 · zaaknummer 200.197.563/01
Inhoudsindicatie
Huurovereenkomst. Beroep op dwaling van huurder omdat zij er niet mee bekend was dat de bestemming van het gehuurde niet toeliet dat in het gehuurde een hondenopvang zou worden uitgeoefend, wordt verworpen. Voor de verhuurder was het niet duidelijk dat huurder van plan was een hondenopvang te gaan exploiteren en wist ook niet dat die activiteit volgens de bestemming niet was toegelaten. In die situatie rustte op de verhuurder geen informatieverplichting. Juist van de huurder had in dit geval zelf onderzoek verlangd mogen worden. Huurder is derhalve de huur verschuldigd over de overeengekomen huurperiode. In dit geval eindigde die verplichting echter eerder, te weten op de datum waarop het verhuurde na een executoriale verkoop in eigendom werd overgedragen. Op grond van artikel 7:226 BW ging de verplichting tot huurbetaling toen over op de nieuwe eigenaar.
Advocaten
- H.H. Gerdes
- N. Hollander
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
