ECLI:NL:GHARL:2018:2443
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden · 22-02-2018 · zaaknummer 200.229.215/01
Inhoudsindicatie
De teneur van de vragen van de voorzitter, in combinatie met de weigering getuigen te horen en de daaromtrent gegeven, niet onmiddellijk inzichtelijke, toelichting, de conclusie dat bij verzoeker de gerechtvaardigde vrees heeft kunnen postvatten dat zijn argumenten door de voorzitter hoe dan ook niet gehoord zouden worden, en hij dus in zoverre niet kon rekenen op een faire inhoudelijke behandeling van zijn zaak. Het tegen de voorzitter gerichte wrakingsverzoek is daarom gegrond. De aangevoerde feiten vormen geen afdoende grond voor wraking van de jongste raadsheer nu deze niet actief betrokken is geweest bij de ondervraging ter zitting en het enkele feit dat de beslissing in het tussenarrest niet onmiddellijk inzichtelijk is, zoals hiervoor al opgemerkt, onvoldoende grond is (schijn van) vooringenomenheid aan te nemen. De oudste raadsheer is geen raadsheer meer is en daarmee het belang aan het wrakingsverzoek in zoverre ontvallen.
Rechters
In deze uitspraak zijn geen namen van rechters gepubliceerd.
Advocaten
In deze uitspraak zijn geen advocaten of gemachtigden met naam genoemd.
Partijen
PI [A]
verzoeker · onbekend
[verzoeker]
verzoeker · onbekend
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
