ECLI:NL:GHARL:2018:1203
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden · 06-02-2018 · zaaknummer 200.192.515
Inhoudsindicatie
Processuele verwikkelingen. Dit hoger beroep is het tweede hoger beroep tussen partijen en is gericht tegen een tussenvonnis van de pachtkamer. Het hof constateert dat de vordering tot betaling van de helft van de waarde van het melkquotum een geldvordering betreft tussen deelgenoten in een nalatenschap. Tussen partijen is immers niet in geschil dat zij deelgenoten zijn in de nalatenschap van vader. Tot de nalatenschap behoort de vordering op pachtster tot betaling van de helft van de waarde van het melkquotum. Zoals het hof bij arrest van 1 december 2015 (ECLI:NL:GHARL:2015:9053, [A/B]) heeft overwogen, dient een dergelijke vordering beslist te worden door de verdelingsrechter. In een en ander ziet het hof aanleiding om een comparitie van partijen te gelasten. Het is het hof ambtshalve bekend dat bij dit hof tevens de verdelingszaak tussen partijen loopt. In die zaak zal bij arrest van heden eveneens een comparitie worden gelast. Uit proceseconomische overwegingen zullen beide comparities in beide zaken tegelijkertijd plaatsvinden als na te melden. Het hof geeft in het arrest een voorbeschouwing over de mogelijke afrekening van het melkquotum. Het hof verzoekt partijen om zich uit te laten op basis van de nieuwe berekening door het hof voorafgaand aan de comparitie.
Advocaten
- C.M. Willemse
- D.M.H.M. van Dijk
- H.J. Vinke
- J.H.M. Spanjaard
Partijen
[appellante]
appellante · onbekend
[geïntimeerde]
geïntimeerde · onbekend
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
