ECLI:NL:GHARL:2017:6717
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden · 04-08-2017 · zaaknummer 21-000846-17
Inhoudsindicatie
Poging moord, mishandeling en het wederrechtelijk binnendringen in de woning van aangeefster. Het hof is van oordeel dat uit de uiterlijke verschijningsvorm en aard van de gedragingen van verdachte volgt dat hij handelde vanuit een intentie om aangeefster van het leven te beroven. Verdachte had het voornemen om aangeefster van het leven te beroven, welk voornemen zich ook door een begin van uitvoering van het misdrijf heeft geopenbaard. Verdachte heeft voorafgaand aan zijn handelen voldoende tijd gehad zich te beraden op het genomen of het te nemen besluit, zodat hij gelegenheid heeft gehad na te denken over de betekenis en de gevolgen van zijn voorgenomen daad en zich daar rekenschap van te geven. Aldus staat voor het hof vast dat het handelen van de verdachte niet het gevolg is geweest van een ogenblikkelijke gemoedsopwelling. Het hof acht voorts geen contra-indicaties aannemelijk geworden die het aannemen van voorbedachte raad in de weg staan.
Advocaten
- J. van Spanje
- K. Elema
- R.B.J.G. Baggen
Partijen
[verdachte]
verdachte · onbekend
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
