ECLI:NL:GHARL:2016:5041
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden · 21-06-2016 · zaaknummer 200.154.124/01
Inhoudsindicatie
CMR zaak. Een vervoerder onder de CMR is in het algemeen niet verplicht de lading te lossen. Hij dient de lading af te leveren aan de geadresseerde. Daaronder wordt verstaan dat hij de rechthebbende in staat stelt de feitelijke macht uit te oefenen over de goederen. Uitdrukkelijke of stilzwijgende afspraken of gewoonten kunnen meebrengen dat de vervoerder wel contractueel verplicht is de lading te lossen. Gesteld noch gebleken is dat dergelijke afspraken of gewoonten hier aan de orde zijn. Op het moment van de aflevering is de vervoersovereenkomst geëindigd (vergl. HR 18 december 2015, ECLI:NL:HR:2015:3624, S&S 2016/37, r.o. 3.4.3). Dit laat echter onverlet dat de vervoerder naar het toepasselijke nationale recht voor schade die bij het lossen is ontstaan aansprakelijk kan zijn indien zij is tekortgeschoten in een andere verbintenis dan die tot het vervoer van de goederen en deze schade daarvan (mede) het gevolg is. Zie r.o. 3.4.2 van het hiervoor genoemde arrest van de Hoge Raad. In het onderhavige geval wordt een dergelijke aansprakelijkheid aangenomen omdat de vervoerder is tekortgeschoten in de door haar aanvaarde verbintenis ervoor zorg te dragen dat een medewerker van de aflader aanwezig zou zijn bij het lossen van de kwetsbare lading.
Rechters
Advocaten
- J. Smit
- L. Janse
- M. Wolters
- P. Leemans
- P.L. Bobeck
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
