ECLI:NL:GHARL:2016:10347
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden · 20-12-2016 · zaaknummer 200.198.623/01
Inhoudsindicatie
In eerste aanleg is de huurder veroordeeld tot ontruiming van de woning. Hangende hoger beroep heeft de huurder bij wege van incident schorsing van de uitvoerbaarheid bij voorraad van het veroordelende vonnis in eerste aanleg gevraagd. De incidentele vordering is door het hof beoordeeld op de voet van art. 351 Rv. Dit heeft geleid tot toewijzing van de vordering. De belangen van de huurder om (met drie schoolgaande kinderen) in de woning te kunnen blijven totdat het hof eindarrest heeft gewezen, wegen in dit geval zwaarder dan de belangen van de verhuurder. Laatstgenoemde beroept zich op zijn contractsvrijheid, maar een dringend belang waarom hij de procedure niet kan afwachten, heeft hij niet gesteld.
Advocaten
Partijen
[appellante]
appellante · onbekend
[geïntimeerde]
geïntimeerde · onbekend
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
