ECLI:NL:GHARL:2015:924
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden · 10-02-2015 · zaaknummer 200.163.020-01
Inhoudsindicatie
In eerste aanleg is de huurder in kort geding veroordeeld tot ontruiming van twee winkelpanden. In hoger beroep dient de huurder een incidentele vordering in, strekkende tot schorsing van de tenuitvoerlegging van het vonnis in eerste aanleg. Ondanks dat het hof binnen drie weken op het incident beslist, heeft de ontruiming ten tijde van het arrest van het hof reeds plaatsgevonden. Voor schorsing van de tenuitvoerlegging is onder die omstandigheden geen plaats. Voor zover het vonnis in eerste aanleg mede strekt tot betaling van de achterstallige huurtermijnen, wijst het hof de vordering tot schorsing af op basis van een belangenafweging. De huurder heeft niet de indruk weg kunnen nemen dat zijnerzijds sprake is van betalingsonwil, terwijl de verhaalsmogelijkheden voor de verhuurder afnemen naarmate de tijd voortschrijdt.
Rechters
Advocaten
- M.L. van Dijkman
- R. Skála
Partijen
[appellant]
appellant · onbekend
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
